Knegt en Ter Mors met gemengde gevoelens terug in Dresden

12 januari 2018, 06:35

In Dresden gaan vrijdag de EK shorttrack van start. Voor de Nederlandse ploeg is het toernooi een generale repetitie voor de Olympische Spelen, een laatste kans om wedstrijdritme op te doen. En dus verschijnt het keurkorps van bondscoach Jeroen Otter met alle grote namen aan de start. Voor Sjinkie Knegt en Jorien ter Mors is Dresden bekend terrein. Ook in 2014 was er pre-olympisch EK in het ‘Florence aan de Elbe' en beiden waren van de partij. Met wisselend succes. Middelvingers Sjinkie Knegt werd wereldnieuws en schopte het zelfs tot CNN. Al was dat niet dankzij een magistrale passeerbeweging. In Dresden registreerde de camera feilloos zijn twee Friese middelvingers richting rivaal Viktor An, en hij voegde er een schaatskick aan toe. Een uiting van frustratie na een teleurstellend verlopen toernooi. “Het was niet mijn beste EK. Alles wat ik in mijn hoofd had, mislukte.” Bondscoach Otter zag langs de boarding hoe Knegt zijn emoties de vrije loop liet gaan. “Ik dacht: oei jongen, je gaat hier waarschijnlijk nét even te ver. Je zag ook dat de internationale schaatsunie en de scheidsrechters geen idee hadden wat ze ermee aan moesten.” In de catacomben van het stadion meldde de scheidsrechter dat hij de Nederlandse kopman bestrafte met een rode kaart. Er werd druk gespeculeerd over de gevolgen voor Knegt. Zou hij door het middelvingerincident de Spelen mislopen? “Uiteindelijk heb ik mij nooit echt zorgen gemaakt om de Spelen, en daar ging het goed”, refereert Knegt aan zijn bronzen medaille in Sotsji. Minder onbezonnen Anno 2018 is Knegt vier jaar ouder en vooral ook vier jaar wijzer. “Er is zeker wel wat veranderd. Ik ben misschien wat volwassener en verstandiger geworden, waardoor mijn acties tegenwoordig minder onbezonnen zijn. Maar ik ben nog steeds een ontzettend goede shorttracker, die dit weekend een mooie wedstrijd wil laten zien.” Op datzelfde toernooi beleefde Jorien ter Mors een hoogtepunt in haar schaatsloopbaan. Als eerste (en nog altijd enige) Nederlandse vrouw in de shorttrackhistorie slaagde zij erin de Europese allroundtitel te bemachtigen. Ter Mors was in Dresden een klasse apart. Soeverein reed ze naar het goud. Heel goed “Ik was daar wel heel goed, ja", herinnert ze zich nog de titelstrijd in Dresden, waar ze haar eindzege lardeerde met overwinningen op de 1.500 en 3.000 meter. "En ik heb zeker de afgelopen dagen veel teruggedacht aan die tijd. Ook om te kijken: wat deed ik daar, dat ik nu niet doe? Of wat moet ik daarvan meepakken, dat mij winst kan opleveren?” Ter Mors constateert dat de focus destijds meer op het shorttrack lag, terwijl ze haar aandacht inmiddels naar de langebaan heeft verlegd. “Misschien moet ik net als vier jaar geleden veel shorttracken en iets minder langebaan doen om straks in Pyeongchang goed te zijn", blikt Ter Mors vooruit op de Winterspelen, waar ze op beide disciplines in actie zal komen. "Ik wil heel graag verder op de langebaan, maar misschien moet ik het nog even loslaten tot na het seizoen en dán het nieuwe avontuur beginnen.” Fysiek geen alleskunner meer Ook fysiek is de tweevoudig olympisch kampioene van Sotsji (1.500 meter en ploegenachtervolging langebaan) niet meer de alleskunner die zij in 2014 was. Overbelasting hield haar een tijd aan de kant. Dat doet tig jaar topsport met je", stelt bondscoach Otter. "We denken altijd maar: sporten is gezond. Maar als er top voor staat, blijkt het een aanslag op je leven. Figuurlijk gezien dan." Het maakt dat Ter Mors, anders dan voorheen, nadrukkelijk luistert naar haar lichaam. "Vier jaar geleden kon alles en was niets te veel. Nu moet ik genuanceerd zijn en de juiste keuzes maken. En dan kan ik nog steeds heel goed zijn."



Recent nieuws Gezondheid

Meer laden...
11534336